vrijdag 28 november 2008

Regels en ontmaskering van het zelfdoen

De recente aandacht voor regels in de kerk deed mij teruggrijpen naar een artikel uit het ND van Peter Bergwerff: 'De ontmaskering van het zelf doen'. In dat artikel bespreekt Peter twee boeken uit de bestsellerlijst van de New York Times: In alle redelijkheid (vertaling van The Reason for God) – Tim Keller en De uitnodiging (vertaling van The Shack) – William P. Young.

Aan het eind van het artikel schrijft Peter: “Door beide boeken, hoe ongelijksoortig ook, loopt eenzelfde rode lijn, (…). Die lijn is: zonde is ten diepste je hoop vestigen op jezelf en je eigen morele prestaties. Ook christenen kunnen daar wat van: je Verlosser voorbijlopen door je krampachtig aan alle Bijbelse regels houden. (…) Maar het evangelie wil het tegendeel zijn van religie. Het is een relatie. Een relatie van liefde tussen God en mensen, waarin deze zijn onafhankelijkheid opgeeft en voor de Ander gaat leven (AG: spiritualiteit). En waarin hij zo als het ware deel krijgt aan de wederzijdse ‘interne’ liefdesrelatie die de drie-enige God al van eeuwigheid kent (AG: verbondenheid).”

Het krampachtig vastklemmen aan regels is iets van alle tijden en zit diepgeworteld in onze genen. Gelukkig dat er ook “klokkenluiders” in de kerk zijn, zoals Wubbo Scholte. Klokkenluiders lopen buiten de kerk snel het risico “vermalen” te worden door allerlei machten en krachten. Laten we in de kerk zuinig zijn op klokkenluiders. Ook daarom is het artikel van Wubbo (‘Kerkelijke regelzucht nekt het geloof’) mij uit het hart gegrepen en bevat het m.i. geen onnodige waarschuwingen en oproepen.

donderdag 27 november 2008

Reactie Kamsteeg op vertrek De Ruiter

In het ND van gisteren reageert Aad Kamsteeg op het vertrek van Ton de Ruiter als predikant: ‘Grote Ruil is krachtbron voor levensheiliging’. Dat is interessant, omdat Aad en Ton in de jaren negentig samen het land doortrokken, spreekbeurten hielden en congressen organiseerden over genade, missionair gemeente-zijn, heiliging e.d. Kamsteeg is het niet eens met De Ruiter: voor Kamsteeg is de Grote Ruil (= de Here Jezus kreeg wat ik verdiende en ik krijg wat Hij door zijn volmaakte leven verdiende) de krachtbron voor levensheiliging.

Boeiend vind ik het te lezen welke elementen er uitsprongen bij hun (geestelijke) ontdekkingstocht. Kamsteeg spreekt in dit verband bij voorkeur niet over een heiligingsbeweging, maar over een genadebeweging (Grace Invest).
• Kennis over God is nog geen kennis van God.
• In Christus ontstaat vrijheid en verdwijnt activisme.
• Geloof werkt: de Heilige Geest is zo sterk dat een door Hem opnieuw geboren mens God als zijn hoogste geluk en vreugde kan leren kennen.
• Echte levensverandering komt van binnenuit.
• Waar het hart vol van is, loopt de mond van over.

Eén van de redenen van hun tocht door het land was, dat “onderwijs over persoonlijke levensheiliging in de vrijgemaakt-gereformeerde kerken onder het stof was geraakt.” Heiliging is volgens Kamsteeg: “liefde om het offer van Christus als bron van ons verlangen om in denken en doen meer op Hem te lijken.”

Zaken die speelden in de jaren negentig. Is er sinds die tijd veel veranderd? In sommige opzichten wel: de beweging van toen, is volgens Jos Douma doorgegaan en heeft er volgens hem toe geleid, dat het thema ‘Christus centraal’ meer ingang heeft gevonden in de kerken. Anderszins is er m.i. niet zoveel veranderd: de genoemde elementen en aanleiding voor deze beweging zijn nog steeds van toepassing.

woensdag 26 november 2008

Verleidingen: richt je op God

Bij mijn blog van afgelopen maandag vraag ik graag aandacht voor een verhaal, een verhaal ter illustratie. Een verhaal zoals ik dat ooit las in het ND op een paginagroot artikel ‘Tegengehouden in de Marnixstraat’ (d.d. 4 september 2004). Een verhaal dat ik zo bijzonder vond, dat ik het artikel toen uitknipte en heb bewaard.

Het artikel gaat over het homoseksuele verleden van Richard Oostrum. Richard vertelt in dit artikel, dat toen hij tot bekering kwam, hij een nieuwe identiteit kreeg in Jezus Christus. Ook vertelt hij, dat hij nu nog niet helemaal vrij is van homoseksuele gevoelens. Hij geeft aan, hoe hij met deze gevoelens, met deze verleidingen nu omgaat. Het artikel zegt het volgende: “Hij heeft een soort stelregel ontwikkeld voor de omgang met verleidingen. Het domste wat je kunt doen is verkeerde gevoelens koesteren. En gevaarlijke situaties moet je vermijden. Dringt de verzoeking toch je leven binnen, ga dan niet tegen je gevoelens vechten, maar zoek God op dat moment. ‘Het levert vaak kostbare momenten met Hem op.’ (…) Hij (AG: Richard) haalt het beeld van een weegschaal erbij, met aan de ene kant het wandelen met God en aan de andere kant het kruisdragen. ‘Hoe meer je je focust op je homoseksualiteit, hoe zwaarder dat gewicht wordt. Dan gaat het je leven bepalen. Maar naarmate je je meer op God richt, zul je merken dat je de problemen waarmee je worstelt in je leven kunt hanteren.’”

Kruisdragen is niet alleen van toepassing op homoseksualiteit. Iedereen is kruisdrager (m/v) en in die zin is de inhoud van het artikel voor iedereen relevant! Richard’s omgang met verleidingen is voor iedereen leerzaam. Het verhaal vind ik een mooie illustratie bij mijn vorige weblog, bij de preek van afgelopen zondag over Zondag 21. Vecht niet zozeer tegen je verleidingen, maar zoek God. Focus je niet op je verleidingen, maar richt je op God.

maandag 24 november 2008

Stop met vechten tegen de zonden!

Afgelopen zondag 23 november (dienst van 11.00 uur) hoorde ik een preek naar aanleiding van Zondag 21 van de Heidelbergse catechismus (vraag en antwoord 56). De preek handelde over ‘vergeving van zonden’. Uitgangspunt bij deze preek was Romeinen 3 : 25 – 26. De predikant, ds. Heij, gaf er een bijzondere invulling aan: “Strijden tegen de zonde is vooral strijden voor het vervuld worden met Christus.” Daarmee werd niet gezegd, dat je drang tot zondigen niet moet weerstaan, maar wel dat je je vooral moet richten op vervulling met Christus.

Ik denk dat dit een heel belangrijke boodschap is! Hoeveel mensen proberen niet uit alle macht zonden te overwinnen? Een onbegonnen en niet te winnen strijd. De strijd, de focus moet gericht zijn op het vervuld worden met Christus (2 Korintiërs 3 : 18)! In dit verband noemde Heij ook Lucas 11 : 24 - 26. Dit inzicht gaf Larry Crabb mij al eerder via het artikel ‘Als de leider in de weg staat’ in Leadership. In dit artikel schetst hij het beeld van een ‘onderkamer’ (wat de Bijbel ‘het vlees’ noemt) en een ‘bovenkamer’ (‘de geest’). Hij zegt verder, dat wat er ten diepste fout is in ons, niet kan worden opgeknapt of verbeterd, maar alleen kan worden vervangen. “Het gevallen menselijke hart valt niet te managen. Het kan alleen worden vervangen. Je kunt iemand die aan porno verslaafd is niet helpen door zijn verlangen naar porno te verzachten, maar door sterkere verlangens in hem los te laten. Verlangens die de Geest van God in hem heeft geplaatst. (…) De onderkamer kan niet worden opgeknapt. Maar God heeft een nieuwe kamer in ons geplaatst. (…) Laten we onszelf – en daardoor anderen – niet langer in de weg staan en leven uit de bovenkamer.” Laten we ons concentreren en focussen op Christus en laat het ons grootste verlangen zijn om vervuld te worden met Hem.

vrijdag 21 november 2008

Spiritualiteit als bron voor verbondenheid

Afgelopen zondag ging de preek over ‘de gemeenschap der heiligen’. Dit naar aanleiding van Zondag 21 van de Heidelbergse catechismus. ‘Gemeenschap der heiligen’ noemen we tegenwoordig ook wel ‘verbondenheid’. Verbondenheid gaat in Zondag 21 zowel over verticale verbondenheid tussen God en mensen als over horizontale verbondenheid tussen mensen onderling. Verticale verbondenheid is m.i. ook weer te geven met het woord ‘spiritualiteit’. Horizontale verbondenheid komt voort uit spiritualiteit. Terecht zei de predikant, dat tekortschieten in (horizontale) verbondenheid de vraag oproept naar de mate en diepgang van spiritualiteit. Spiritualiteit is een voorwaarde, is de bron voor (horizontale) verbondenheid. Het valt mij elke keer weer op, hoe belangrijk spiritualiteit feitelijk is. Daar begint alles, dat is de drijfveer voor je handel en wandel. Je gedrag, je overtuiging hebben alles te maken met spiritualiteit.

Een aantal andere schrijvers zeggen hier het volgende over. Luiten zegt het in de in mijn vorige blog genoemde artikelen over (geestelijk) leidinggeven zo: “Voor iedere christen gaat in feite alles terug op zijn of haar relatie met de Heer. Vooral wat betreft de motivatie.” Ad de Bruijne zei het zo: “Geloof is de liefdesrelatie tot de levende persoon van Christus hier en nu.” En Henri Nouwen schrijft in het boekje Alles nieuw: Een spiritueel leven betekent dat we het leven van de Geest in onszelf en tussen ons mensen tot het centrum maken van alles wat we denken, zeggen en doen. Het gaat om een hart dat gericht is op het koninkrijk van de Vader. Het gaat hier om Jezus’ dringende oproep om het leven van Gods Geest voorrang te geven. Op zijn weblog van vrijdag 14 november schrijft Jos Douma: “In de tweede plaats wordt me steeds helderder waar ik me nu in mijn bediening op focus: spirituele gemeenteopbouw. Vandaag wordt er vooral veel aandacht besteed aan missionaire gemeenteopbouw (…). Nu wil ik geen tegenstelling creëren tussen missionaire en spirituele gemeenteopbouw, maar wel beweren dat op de langere termijn spirituele gemeenteopbouw van wezenlijker belang is, alleen al omdat het de bron zal blijken te zijn van missionaire gemeenteopbouw.”

woensdag 19 november 2008

De GKv moet verder met één predikant minder

In het ND van 19 november (‘Predikant uit ambt na moeite met leer’) las ik, dat Ton de Ruiter op eigen verzoek is ontheven uit zijn ambt van predikant. Eigenlijk las ik eerst de weblog van Jos Douma. Jos maakt op zijn blog melding van het genoemde artikel uit het ND.

Het gaat mij hier om de weblog van woensdag 19 november van Jos. Op de blog schrijft hij in verband met het ontheffingsverzoek m.i. belangrijke zaken. Ik stel voor: lees de blog van Jos eens door.

Om hier al iets van de blog van Jos te noemen: Jos memoreert de volhardende aandacht die Ton de Ruiter vestigde op de lauwheid in de kerken, de geesteloosheid die vaak heerst, de geest van gearriveerdheid die rondwaart, de gebrekkige uitstraling van plaatselijke kerken van Jezus. “En daarin hoor ik een profetisch geluid waar wij niet aan voorbij mogen gaan. Hoe zit het met onze gehoorzaamheid aan het gebod van Christus dat ons door Paulus wordt aangereikt in Romeinen 12 vers 11?”. Mooi, dat Jos zo de avond begonnen is: met mooie woorden te zeggen over Ton de Ruiter, hoezeer hij het ook oneens was met de opvatting van De Ruiter. Uit zijn blog spreekt (geestelijke) liefde en waardering. Patrick Nullens wees ons tijdens de mannendagen in Leuven er al op: liefde in combinatie met (het zoeken naar) de waarheid is een goede (schriftuurlijke) combinatie (1 Korintiërs 13). Goed is het, dat het oneens zijn met opvattingen gecombineerd wordt met zelfreflectie en het (opnieuw) teruggaan naar de bijbel.

"Er is reden om ons als kerken en als ambtdragers in die kerken te verootmoedigen over zoveel klein geloof, zoveel geloof dat niet tot bloei komt, geloof dat misschien zelfs klein wordt gehouden, in de kiem wordt gesmoord door een eenzijdig accent op zonde en vergeving.” Zet deze oproep van Jos ons aan tot verootmoediging of halen we hier onze schouders over op en gaan verder met de waan van de dag?

dinsdag 18 november 2008

Geestelijk leidinggeven en angst

Ds. Bas Luiten schreef twee artikelen in de Reformatie over (geestelijk) leidinggeven. Daarvoor las hij het boekje Bezielend leiding geven van Anselm Grün. Wat mij opvalt, is dat Luiten o.a. schrijft over ‘angst’. Een thema dat ook door Wubbo Scholte (ND 1 november, ‘Kerkelijke regelzucht nekt het geloof’) genoemd werd. Luiten haalt met instemming Grün aan.

“Anselm Grün spreekt over perfectionisme als vorm van angst. Hij schrijft: ‘Er zijn mensen die maar geen beslissing kunnen nemen omdat ze perfectionistisch zijn. Ze zijn bang om fouten te maken. (…) Omdat mensen nooit een fout durven maken, durven ze geen beslissing te nemen. Ze wachten tot anderen de knoop doorhakken. Maar juist door een beslissing steeds maar uit te stellen om vooral geen fouten te maken, gaat alles mis. (…) In de angst om beslissingen te nemen draait alles alleen maar om jezelf en je eigen onfeilbaarheid. (…) Besluiteloosheid is de grootste blokkade voor goed leiderschap.’”

Volgens Luiten (en hij volgt Grün daarin) is de meest belangrijke eigenschap voor (geestelijk) leidinggeven creativiteit. “Nodig is vooral opnieuw bezield te worden, te gaan voor Gods zaak in deze wereld. Dan word je vanzelf creatief, ondernemend, als mens en als gemeente. Dan zie je het doel en mag het wat kosten. Dan mag er ook wel eens wat fout gaan, dat risico nemen we dan. (…) Niets doen is de enige manier om fouten te voorkomen, maar dan maken we samen een nog veel grotere fout.”

“Wie geen risico lopen wil, kan zijn talent begraven, om het bij de komst van zijn Heer weer op te diepen en terug te geven. Er is dan geen enkele fout mee gemaakt. Nee, maar dan blijkt de grootste vergissing van het leven: de Heer had zijn dienaar zo graag aan de slag gezien! De knecht handelde uit angst, zijn Heer verwijt hem lafheid (Mat. 25 : 25, 26).”

zaterdag 15 november 2008

Kerkverlating en regelzucht

In mijn vorige blog noemde ik al, dat Dr. J. Douma met zijn column in het ND (8 november, ‘Afspraak is afspraak’) reageerde op het artikel van Wubbo Scholte (ND 1 november, ‘Kerkelijke regelzucht nekt het geloof’). Deze week reageerde twee andere predikanten in het ND op beide schrijvers: Johan Plug met een artikel ‘Laat de kerk een wijze moeder zijn’ en Sieds de Jong via ‘Kerkelijk leven is meer dan kerkorde’. Ook de predikant Jan Oldenhuis besteedt in de Reformatie van deze week aandacht aan deze kwestie (‘De begrafenis van de GKv?’). Zij hebben het artikel van Scholte met andere ogen gelezen dan Douma. Terwijl Douma’s reactie nogal massief is, lees ik bij de andere over: herkenning, bewogenheid, verdriet, zelfreflectie (“Was ik dan toch ook een beetje farizeïstisch?”).

Plug en De Jong reageren ook op de stelling van Douma: “Dat velen zich laten overdopen … komt niet voort uit reactie tegen verstikkende regels, maar uit verzet tegen de kinderdoop en andere gereformeerde overtuigingen.” Plug en De Jong nuanceren en corrigeren dit beeld van Douma.

Plug: “Wat ik zie is dat het meestal andersom gaat.” Dus, verzet tegen de kinderdoop is niet zozeer een oorzaak, maar een gevolg van iets anders. Een gevolg van “verkramptheid” en “struikelblokken waarop mensen stuklopen”. De Jong schrijft dat hij mensen kent die de kerkverlaten om de leer rond doop en verbond, maar dat hij ook mensen kent “die weggaan om de strakheid, het gemis aan spontaniteit, de formulierendwang.” Hij schrijft: “Ik herinner me nog een gesprek met ds. Orlando Bottenbley waarin ik tegen hem zei: ‘de reden dat jullie zoveel mensen van ons over krijgen heeft volgens mij vooral met de sfeer te maken. Mensen missen bij ons iets wat ze bij jullie wel vinden. De volwassendoop nemen ze op de koop toe’. Waarop hij antwoordde: ‘ik denk dat je daarin gelijk hebt’.”

In een ander document van De Jong zegt hij het zo: “Men heeft niet zozeer bezwaar tegen de leer van de kinderdoop (al zijn die er ook), maar het is voorál de sfeer in de gevestigde kerken die – júist in vergelijking met baptisten en evangelischen – opvalt door lauwheid, vastzitten aan gewoonten en vaste vormen en gebrek aan missionaire uitstraling waardoor’s mans of vrouws geloofsleven niet meer groeit of zelfs schade ondervindt. Dús stapt men over naar een gemeente waar het geloof meer leeft en waar meer van uitgaat. Dat men nogmaals gedoopt moet worden neemt men op de koop toe.” Het gesprek over kerkverlating zal dus over meer moeten gaan, dan over “verzet tegen de kinderdoop en andere gereformeerde overtuigingen.”

vrijdag 14 november 2008

Kerkelijke regelzucht en Dr. J. Douma

In het Nederlands Dagblad van 8 november reageert Dr. J. Douma (emeritus hoogleraar ethiek – TU Kampen) met een column ‘Afspraak is afspraak’ op het artikel ‘Kerkelijke regelzucht nekt het geloof’ van Wubbo Scholte. Douma reageert vooral op één punt: waarom mensen de GKV verlaten. Hij zegt daarover: “Dat komt niet voort uit reactie tegen verstikkende regels, maar uit verzet tegen de kinderdoop en andere gereformeerde overtuigingen.”

Ik vind het jammer dat Douma zo reageert. Door zo te reageren versterkt hij het beeld dat broers en zussen de GKV vooral verlaten uit verzet tegen kinderdoop en andere gereformeerde overtuigingen. Ook doet hij Scholte m.i. tekort: kerkverlating zou volgens Scholte een reactie zijn tegen verstikkende regels. Waarom gaat Douma niet het gesprek aan van hart tot hart met Scholte? Probeert hij zich werkelijk te verplaatsen in Scholte? Scholte schreef niet zijn ergernis (voor zover daar sprake van is) van zich af, maar is geraakt door het vertrek van vrienden en kennis uit de vrijgemaakt-gereformeerde kerken. Heeft Douma dat “verdriet” wel voldoende gepeild? Er klinkt zo weinig bewogenheid door in zijn artikel.

Scholte vraagt aandacht voor dieper liggende oorzaken: onderliggende angst en wantrouwen. Hij stelt de vraag: “Welke geestelijke gesteldheid gaat er schuil achter deze regelcultuur?” Doordat “onderliggende angst en wantrouwen de sfeer in de kerken bepalen” vertrekken mensen uit de GKV. Het gaat Scholte m.i. vooral om de sfeer en het klimaat in de kerk. Sfeer en klimaat is meer, gaat verder dan regelzucht. Is de sfeer en het klimaat vooral geestelijk te noemen of spreekt er geestelijke armoede uit? Dat is toch een zeer valide vraag? Ik zei al eerder op deze blog, dat diezelfde vraag ook door Ad de Bruijne wordt gesteld in een artikel over kerkelijke eenheid. Het gevaar ligt altijd op de loer, dat regels, besluitvorming, gedrag in de kerk niet uit liefde (uit de Geest) voortkomt, maar een doel in zichzelf is geworden of (onbewust) gevoed worden door angst en wantrouwen. Maar, angst en wantrouwen zijn toch geen vruchten van de Geest?!

donderdag 13 november 2008

De luister van de Heer

Door de eerste preek van Jos Douma over 2 Korintiërs 3 : 18 kreeg ik aandacht voor de ‘luister van de Heer’. De eer, glorie, majesteit, aanwezigheid, grootheid van de Heer. Zijn heerlijkheid. Ik heb mij dat nooit zo gerealiseerd, maar het is blijkbaar heel belangrijk: het zien van de luister van de Heer.

Als ik nu over de verschillende genezingen lees in Matteüs 9, dan zijn dat niet langer meer dan bekende verhalen, maar dan zie ik daar nu vooral de luister van de Heer. Je gaat met andere ogen naar bekende geschiedenissen uit de bijbel kijken.

Waarom zie ik dat nu pas? Ik had het al eerder kunnen weten. Als in Johannes 2 de bruiloft in Kana wordt beschreven, dan staat er aan het eind van die geschiedenis: “Dit heeft Jezus in Kana, in Galilea, gedaan als eerste wonderteken: hij toonde zo zijn grootheid en zijn leerlingen geloofden in hem.”

Blijkbaar moet je aandacht door iets of iemand gevestigd worden op zoiets als ‘de luister van de Heer’. Maar dit inzicht is allereerst het werk van de Geest en de Geest maakt soms gebruik van mensen. De Geest doet mij met de ogen van 2 Korintiërs 3 : 18 kijken naar het optreden van Jezus o.a. in de evangeliën.

maandag 10 november 2008

Bijzondere mannendagen in Leuven


Afgelopen vrijdagavond en zaterdag was ik samen met 21 andere mannen uit Zeewolde in Leuven voor twee 'mannendagen'. Deze mannendagen waren voor de vijfde keer georganiseerd door mannen uit Amersfoort-Nieuwland en met elkaar was de groep ruim 100 man groot.

Het was een bijzonder samenzijn! Breng dat maar eens onder woorden. Iemand zei: woorden, beelden zeggen veel, maar wat in mijn hart en ziel zit, is niet te vangen. Ja, zo ervaar ik dat ook. Het was een bijzonder samenzijn! Ik probeer er toch wat woorden aan te geven.

Na een gezamenlijke maaltijd vertrokken we uit Leuven naar het klooster La Foresta. Het avondprogramma start met het samen zingen in de kapel van het klooster. 100 mannenstemmen in een kapel met een mooie akoestiek onder begeleiding van een “simpele” gitaar: fantastisch vond ik dat. Aanbidding van onze God! Daarna kwam Patrick Nullens aan het woord met het eerste deel van zijn referaat over ‘de liefde’ naar aanleiding van 1 Korintiërs 13.

Zaterdagmorgen reden we weer terug richting Leuven om te gast te zijn bij de Evangelische Theologische Faculteit (ETF) om daar o.a. opnieuw te zingen en het tweede deel van het referaat van Patrick aan te horen. Patrick Nullens is rector van en doceert aan de ETF. Het was een bijzonder referaat. Ik heb geprobeerd er een verslag van te maken. Van een toespraak die zo’n 2 – 3 uur duurde. Bij zo’n spreker en zo’n onderwerp speelt tijd geen enkele rol meer.

Daarna gingen we in groepjes uit elkaar en spraken daar met elkaar door over het onderwerp. Dit samenzijn was in mijn groepje echt heel bijzonder. Mensen stelde zich kwetsbaar op, er werd van hart tot hart gecommuniceerd, we baden met en voor elkaar. Heel emotioneel.

De mannendag was een unieke ervaring voor mij en voor veel andere mannen uit Zeewolde. Het heeft ons een beter zicht op God gegeven, de God die Liefde is. Het heeft nieuwe verbondenheid gebracht of nieuwe dimensies toegevoegd aan bestaande verbondenheid tussen broers van hetzelfde huis.

donderdag 6 november 2008

Echt geloof - vurige christenen en vitale kerken

Wat is (echt) geloof? Geloven is meer dan de Bijbel beamen, meer dan geloven dat er een God is die je wil redden, meer dan ja zeggen tegen al Gods beloften, meer dan Gods geboden proberen te doen, meer dan naar de kerk gaan, meer dan jezelf te matigen en om de ‘armen’ te denken, meer dan kerkelijke bijdrages te betalen, meer dan ...........

"Typerend voor echt geloof is de omhelzing van Christus. Geloof is de liefdesrelatie tot de levende persoon van Christus hier en nu. Je ‘ziet’ Christus (Hebr. 2:9), weet je door de Geest één met Hem en vindt letterlijk alles in Hem.”

Jos Douma zegt aan het begin van zijn eerste preek over 2 Korintiërs 3 :18 het volgende: “Hoe veranderen lauwe christenen in vurige christenen? Hoe veranderen onaantrekkelijke kerken in vitale kerken?” En dan noemt hij als antwoord op deze vragen: “Ik geloof dat 2 Korintiërs 3 : 18 ons de sleutel aanreikt, de Bijbelse sleutel voor echte geestelijke verandering.”

Waarom zijn er lauwe christenen en onaantrekkelijke kerken? Wat is daarvan de oorzaak? Heeft het niet (o.a.) hier mee te maken: er zijn wellicht broers en zussen in de kerk die de bijbel beamen, die geloven dat God ze wil redden, die ja zeggen tegen al Gods beloften en proberen te leven naar Gods geboden, die zichzelf matigen en denken om de ‘armen’, die trouw hun kerkelijke bijdrages betalen, ………, maar die niet of onvoldoende door hebben dat het geloof vooral, bovenal, ten diepste dit is: een liefdesrelatie tussen Christus en mij/jou!

Is dat onvoorstelbaar? Philip Troost zegt in zijn boek ‘Spiritualiteit van ontvankelijkheid’ het zo: “Je kunt je hele leven de Schrift onderzoeken en tot God bidden en zelfs in Christus’ naam optreden, en toch niet tot een persoonlijke relatie met Jezus komen.”

dinsdag 4 november 2008

Spiritualiteit

Philip Troost omschrijft spiritualiteit in zijn boek ‘Spiritualiteit van ontvankelijkheid’ als: “De wederzijdse betrekking tussen God en ons, waarbinnen we door de heilige Geest gaandeweg steeds meer worden omgevormd tot mensen die het beeld van Christus vertonen, zodat onze verbondenheid met God ook aan de buitenkant zichtbaar wordt in de praktijk van ons leven.”

Daarom vind ik spiritualiteit zo’n boeiend onderwerp, omdat het gaat over de relatie tussen God en mensen. En weet je wat ik nu zo mooi vind? De tekst 2 Korintiërs 3 : 18 kan als het ware over de definitie van Troost heen gelegd worden. Anders gezegd: in 2 Korintiërs 3 : 18 gaat het (ook) over spiritualiteit. Over de relatie tussen God en ons. Over de Heilige Geest die daar een belangrijke rol in speelt. En dat je gaat veranderen vanuit die relatie, vanuit die verbondenheid met God.

maandag 3 november 2008

Geestelijk niveau in de kerk

Zaterdag schreef ik over een artikel van Wubbo Scholte in het ND waarin hij sprak van angst, wantrouwen en een regelcultuur in de kerk. In de Reformatie van dit weekend schreef Ad de Bruijne een artikel met als kop ‘Kan wat moet? Bidden en werken rond kerkelijke eenheid’. In dit artikel noemt hij eerst (!) de goede dingen rond kerkelijke eenheid en daarna schrijft hij over angst, wantrouwen en over ‘maakbaarheid’ van samensprekingen met CGK en NGK. Ook hij bespeurt dus angst en wantrouwen in de kerk: in dit geval in de besluitvorming rond kerkelijke eenheid op de synode van Zwolle-Zuid. Ik stel voor: lees het artikel eens door! Het is echt het lezen waard.

Het gaat mij hier om de vraag van Ad de Bruijne: Werkt het geestelijke niveau wel voldoende door in onze omgang met samenspreken? Is kerkelijke eenheid ‘maakbaar’? Het moet, dus het kan! “Wat moet van God, is mogelijk bij God! Maar wat God geeft, hebben wij niet automatisch. Het moet toegeëigend worden. En zelfs dan wordt het niet vanzelfsprekend omgezet in ervaarbare werkelijkheid. Wij kunnen de vrucht van Gods gaven niet afdwingen en organiseren op onze tijd en op onze manier. Zelfs als wij ons Gods belofte in geloof eigen maken, blijft de Here vrij in de manier en het moment waarop Hij deze vervult.”

“Tussen moeten en kunnen zit het mensenhart waarin de Geest in de diepte zijn werk moet doen. Het is niet ineens klaar: het gaat via groei en stilstand, met vallen en opstaan, schoksgewijs en geleidelijk. Tussen moeten en kunnen zit ook de ‘geest’ die een gemeente of kerkengroep als geheel beheerst. Alleen doordat de demonen bij ons uitgeworpen worden en Gods Geest ruimte vindt, wordt moeten kunnen. Op heel het terrein van het christelijke leven en handelen is aandacht voor deze geestelijke werkelijkheid wenselijk.”

Hier dus dezelfde vraag als bij Wubbo Scholte: Welk geestelijk niveau gaat er schuil achter een regelcultuur in de kerk of kerkelijke samensprekingen? Ad de Bruijne besluit zijn artikel zo: “Wil er echte eenheid groeien, ook in de diepte van wat ons hart beweegt en van de ‘geest’ die een kerkengroep bezielt, dan zul je in je onderlinge contacten veel ruimte moeten geven aan Christus en zijn Geest.” Ik stel voor, dat wij allemaal deze oproep ter harte nemen.

zaterdag 1 november 2008

Een vernieuwende beweging in de GKV


In het ND van vandaag staat een artikel van Wubbo Scholte (psycholoog, psychotherapeut) met als titel 'Kerkelijke regelzucht nekt het geloof'. Hij schrijft over het vertrek van vrienden en kennissen uit de vrijgemaakt-gereformeerde kerken. En dat zij vaak als diepste reden het benauwende en verstikkende klimaat noemen. Hij zegt dat naar zijn idee onderliggende angst en wantrouwen de sfeer in de kerken bepalen. Hij noemt de regelcultuur in de kerk en stelt zichzelf en ons de vraag: “Welke geestelijke gesteldheid gaat er schuil achter deze regelcultuur?”

Hij spreekt ook een verlangen uit. Een verlang dat ook mijn verlangen is. “Ik zie uit naar een vernieuwende beweging in de vrijgemaakte kerken, die meer en meer open wil staan voor de totale grootheid van onze drieënige God, die bereid is in het eigen (regel)vlees te snijden en daarmee ruimte wil maken voor liefde voor allen om ons heen. Een beweging die echt leert waarderen wat de Heilige Geest in christenen en gemeenten doet, die stopt met oordelen over anderen en bewogen is met een wereld waar velen in duisternis leven, omdat ze Jezus niet als hun Heer kennen. Een beweging die de kerken kan helpen los te komen van haar angsten (1 Johannes 4 : 18) en leert luisteren naar de stem van haar Heer.”

Wie zou zo’n vernieuwende beweging niet willen?

Arjan Gelderblom © 2008 Template by Dicas Blogger.

TOPO