donderdag 25 april 2013

Eindelijk thuis: de oudste zoon


Het tweede deel van de geestelijke reis van Henri, zoals beschreven in ´Eindelijk thuis´ gaat over de oudste zoon. Hoe meer hij over de oudste zoon nadenkt, des te meer herkent hij zichzelf in hem. Het kost hem geen moeite om zich te identificeren met de oudste zoon. Ook de oudste zoon raakte verloren en op drift, hoewel hij thuisbleef. “Deze verlorenheid kenmerkt zich door oordelen en veroordelen, door boosheid en wrok, door bitterheid en jaloezie. Niets is zo funest en zo schadelijk voor het hart dan juist deze verlorenheid.” De verlorenheid van de jongste zoon is heel doorzichtig. De verlorenheid van de oudste zoon is veel moeilijker te onderkennen.

“Deze ervaring: niet in staat te zijn binnen te treden in de vreugde van een ander, is de ervaring van een hart vol wrok. De oudste zoon kon het huis niet binnengaan om de vreugde van zijn vader te delen. Zijn zelfbeklag verlamde hem en daardoor kon hij door duisternis worden overvallen.” Henri schrijft dat hoe meer hij over de oudste zoon in hem nadenkt, des te meer hij zich realiseert hoe diep geworteld deze vorm van verlorenheid werkelijk is en hoe moeilijk het is om vanuit zo’n houding terug te keren naar huis. Hij komt tot de conclusie: “ik kan mezelf niet genezen”.
  
“De vader wilde niet alleen de jongste zoon terug, maar ook zijn oudste.” Gods verlangen is om beide zonen naar huis terug te brengen. God houdt van beide zonen zielsveel. Met een onvoorwaardelijke liefde. Henri schrijft over zichzelf: “Ik moet gevonden en thuisgebracht worden door een herder die naar mij op zoek gaat.” Ik moest de verkeerde afhankelijkheid van een menselijke vader opgeven om terug te keren naar waarachtige afhankelijkheid van mijn hemelse Vader. Een vader die hem vrijmaakt om lief te hebben en los te komen van de behoefte om het andere mensen naar de zin te maken en door hen bevestigd te worden.

Seja o primeiro a comentar

Een reactie plaatsen

Arjan Gelderblom © 2008 Template by Dicas Blogger.

TOPO