Posts

Posts uit 2018 weergeven

Word je bewust van boosheid (1)

Afbeelding
Riekje Boswijk-Hummel schreef het boek Boos met als ondertitel: boosheid erkennen, begrijpen loslaten. Ik vind het een inzichtgevend boek en zal proberen een samenvatting daarover te geven. Ik heb het al eens eerder gezegd: een samenvatting is slechts een samenvatting. Heel veel details moeten in een samenvatting ongenoemd blijven. En dan is het ook nog eens mijn (vanuit mijn perspectief geschreven) samenvatting. Daarom stel ik voor: koop het boek en lees het zelf eens door! Ik beveel het boek van harte bij je aan. Wie heeft er nu niet te maken met boosheid in zijn leven?   
Aanleiding Waarom heeft de schrijfster 252 pagina’s volgeschreven over het onderwerp ‘boos’? Ooit besloot ze om haar opvattingen over het onderwerp boos aan een nader onderzoek te onderwerpen (p.16). Zij stelde vragen als: Wat ís boosheid eigenlijk? Wat maakt eigenlijk dat mensen boos worden? Wat ligt er ten grondslag aan boosheid? Wat is het effect van het uiten van boosheid? Wat levert het op? Wanneer eindigt boos…

je ECHTE ik (6)

Afbeelding
naar deel 5
In hoofdstuk 6 schrijft David G. Benner in het boekje Gods geschenk jezelf te mogen zijn over Je echte ik ontwikkelen. Dit nadat in het vorige hoofdstuk het ontmaskeren van je onechte ik aan de orde is geweest. Eerst moet je je onechte ik ontmaskeren voordat je je echte ik kan ontwikkelen.
Je echte ik Benner komt in hoofdstuk 6 terug op zijn stelling uit het eerste hoofdstuk: “De antropologische vraag (wie ben ik?) en de theologische vraag (wie is God?) zijn fundamenteel niet te scheiden.” “Het echte ik is precies het tegenovergestelde van alles wat ik heb beschreven als het onechte ik.” Je vindt je echte ik door God te zoeken. Ons echte ik kan alleen bestaan in relatie met God. Je identiteit is wie je bent en wordt in Christus.
Roeping Je echte ik brengt naast vrijheid ook een roeping met zich mee. “Onze roeping, (…), kunnen we alleen begrijpen in relatie tot degene die roept.” Benner onderscheidt een aantal niveaus in die roeping: we zijn geroepen 1) om volledig mens te zij…

je ECHTE ik (5)

Afbeelding
naar deel 4
In hoofdstuk 5 schrijft David G. Benner in het boekje Gods geschenk jezelf te mogen zijn over Je onechte ik ontmaskeren.
Je echte ik: Gods beeld of een illusie Dit hoofdstuk gaat over authenticiteit: het ontmaskeren van je onechte ik en het veranderen naar je echte, authentieke ik. Je echte ik is een ik dat naar Gods beeld geschapen is. Als je die ik verwerpt, schep je daarmee een onechte ik naar je eigen beeld. Hoe je zou zijn als je God was. Maar, je bent God niet. Het is een illusie te denken dat je God bent.
Kern van het onechte ik Benner schrijft dat ‘de kern van het onechte ik bestaat uit het geloof dat mijn waarde afhangt van wat ik bezit, wat ik presteer en wat anderen van mij denken’. ‘De kern van het onechte ik is een verlangen om een zelfbeeld en een manier van omgaan met de wereld te presenteren.’ Je onechte ik ‘is gebouwd op een buitensporige gehechtheid aan een zelfbeeld, waarvan we denken dat het ons bijzonder maakt’. Het probleem is de buitensporige gehechtheid…

je ECHTE ik (4)

Afbeelding
naar deel 3
In hoofdstuk 4 schrijft David G. Benner in het boekje Gods geschenk jezelf te mogen zijn over jezelf kennen zoals je echt bent.
Je onechte ik en je echte ik In het vorige hoofdstuk gaf Benner een antwoord op de vraag Hoe kent God ons? God houdt van je, heeft je zo lief, dat het ‘ons voorstellingsvermogen te boven gaat’. In dit hoofdstuk komt hij opnieuw terug bij diezelfde vraag en antwoord. Hij zegt daarover: God heeft niet je schijn-ik of onechte ik lief, maar je ware of echte ik. Maar, wat is je echte ik? Je verwart je echte ik voortdurend met je ideaal ik, je ik die je zou willen zijn (schijn, illusie). Ieder mens is van nature een ‘meester in bedrog’. Zelfbedrog is je default setting. Je echte ik herkennen is heel moeilijk. Je illusies moeten daarvoor laag voor laag verwijderd worden. Hier komt weer de relatie tussen God kennen en jezelf kennen om de hoek kijken. ‘God zien zoals hij (AG: echt) is (…) vereist dat we onszelf zien zoals we echt zijn.’ Anders gezegd: je onec…

je ECHTE ik (3)

Afbeelding
naar deel 2
In hoofdstuk 3 begint David G. Benner in het boekje Gods geschenk jezelf te mogen zijn met het onderwerp jezelf kennen: ‘de eerste stappen naar zelfkennis’.
Weten dat je diep geliefd bent Benner begint bij het begin en hij citeert daarbij J.I. Packer die de volgorde van dit kennen benoemt: ‘Waar het vóór alles op aankomt, is dan ook niet het feit, dat ik God ken, maar het veel belangrijker feit, dat Hij mij kent.’ ‘Al onze kennis van God is afhankelijk van Gods voortdurende initiatief ons te kennen.’ Dat roept de vraag op: hoe kent God ons? Wat vindt God van jou? Allereest is het een persoonlijk (individueel) kennen. Daarnaast heeft God ons lief, ‘op een diepe, intense manier die ons voorstellingsvermogen te boven gaat’. ‘De waarheid is dat God van je houdt met (…) “een gepassioneerde, intens betrokken belangstelling”.’ ‘Godskennis noch zelfkennis kunnen echt groeien, tenzij het begint met het besef hoeveel God van ons houdt.’ ‘Om te zorgen dat de kennis van Gods liefde ons …

je ECHTE ik (2)

Afbeelding
naar deel 1
Zoals in mijn vorige blog al gezegd, behandelt David G. Benner in het boekje Gods geschenk jezelf te mogen zijn (met als ondertitel: Ontdek je echte ik) in hoofdstuk 2 het onderwerp God kennen.
God heeft zich laten kennen Allereerst schrijft Benner dat God zich heeft laten kennen. Hij wil gekend worden. ‘Openbaring is fundamenteel voor Gods karakter. God wil zichzelf aan ons bekendmaken.’ Mensen kunnen dus God kennen. Ons kennen zal bestaan uit een objectief kennen en daarnaast kan het ook een persoonlijk kennen (ervaring) behelzen. Beperkte kennis van God (persoonlijk kennen) is meer waard dan onbeperkte kennis over God (objectieve kennis) (naar een citaat van J.I. Packer). Daarnaast vereist God kennen ook overgave; dit kennen vraagt een reactie van ons.
God kennen = Jezus ontmoeten Jezus is het beeld van de onzichtbare God (Kolossenzen 1 :15). Anders gezegd: De onzichtbare God is zichtbaar geworden in Jezus. ‘Jezus is de brug tussen hemel en aarde, tussen de mens en God.’ E…

Je ECHTE ik (1)

Afbeelding
David G. Benner verbindt in het boekje Gods geschenk jezelf te mogen zijn (met als ondertitel: Ontdek je echte ik) al direct op pagina 1 van hoofdstuk 1 zelfkennis en Godskennis aan elkaar. Volgens Benner is er een samenhang tussen jezelf kennen en God kennen en heeft deze overtuiging een ‘gerespecteerde plek in de christelijk theologie’. Hij noemt en verwijst in dit verband naar grote namen als Johannes Calvijn, Thomas à Kempsis en Augustinus.

Christelijke spiritualiteit In zijn definitie van christelijke spiritualiteit koppelt Benner zelfkennis en Godskennis aan elkaar: ‘Christelijke spiritualiteit betekent een transformatie van het ik die alleen dán optreedt als we God en het ik beiden diep kennen.’ Dus bij geestelijke groei of transformatie speelt zelfkennis (naast Godskennis) een belangrijke rol. Benner schrijft dat daar zijn boek over gaat: ‘Dit boek gaat over de reis naar je echte ik-in-Christus en het leven vanuit de roeping die daarmee samenhangt.’ Die reis gaat over je verande…

De zin van het bestaan (2)

Afbeelding
Zoals gezegd bestaat het boekje De zin van het bestaan uit twee delen. In deel II beschrijft Viktor Frankl de ‘beginselen van de logotherapie’. Frankl schrijft dat het geen gemakkelijke opgave voor hem was (hij noemt het zelfs ‘een vrijwel ondoenlijke zaak’) om een korte samenvatting te schrijven ‘van een materie, die in het Duits achttien boekdelen vult’. Als het al voor Frankl geen gemakkelijke opgave was om een samenvatting te maken, hoe zou ik dan een samenvatting van deze samenvatting kunnen maken? Ik noem daarom hieronder slechts een aantal elementen uit deel II.
De reden dat Frankl zijn theorie logotherapie heeft genoemd, is dat het Griekse woord logos duidt op een betekenis. ‘Logotherapie, …, richt zich zowel op de betekenis van het menselijk bestaan als op het streven van de mens naar een dergelijke betekenis. Volgens de logotherapie is dit streven naar de zin van zijn leven, de primaire motivatiekracht waarover de mens beschikt.’ ‘De logotherapie stelt zich tot taak de patië…

De zin van het bestaan (1)

Afbeelding
Ik schreef eerder over het boek De Keuze van Edith Eva Eger. In het boek lezen we hoe een medestudent van Eger haar attent maakte op het boekje De zin van het bestaan van Viktor Frankl en het haar aanbod (p.185). Zowel Eger als Frankl overleefden het concentratiekamp. Frankl was 23 jaar ouder dan Eger, al negenendertig en een succesvol arts en psychiater, toen hij naar Auschwitz werd gestuurd. Frankl en Eger ontmoetten elkaar na beëindiging van de Tweede Wereldoorlog en er ontstond een vriendschap tussen hun beide.
Het boekje De zin van het bestaan (15e druk – 2015) bestaat uit twee delen. In deel I beschrijft Viktor zijn ervaringen in concentratiekampen en in deel II geeft hij een uitleg over de beginsel van de logotherapie. In deel I schrijft Frankl dat er drie fasen te onderscheiden zijn in de mentale reacties van de gevangenen op het kampleven: ‘de periode volgend op zijn aankomst in het kamp, de periode waarin hij zich de routine van het kampleven heeft eigen gemaakt en de period…

Het leven is een paradox

Afbeelding
Brené Brown schrijft in haar boek Verlangen naar verbinding – Er echt bij horen en de moed om alleen te staan over de paradox. ‘Het Griekse woord ‘paradox’ is een samenvoeging van twee worden, para (naast, tegenover) en doxa (mening, verwachting). Het Latijnse paradoxum betekent: ‘schijnbaar absurd maar echt waar’.’ In haar boek haalt ze o.a. dit citaat van Carl Jung aan: ‘Alleen de paradox kan de volheid van het bestaan bij benadering bevatten.’
Geduld met God – Twijfel als brug tussen geloven en niet-geloven van Tomáš Halík had mijn ogen al geopend voor de ‘paradox’. Je kunt er in dit boek niet om heen: de paradox is voor Halík een belangrijk fenomeen. Hij beschrijft paradoxen in zijn boek zowel expliciet als impliciet. Hier wat citaten en opmerkingen van Halík: Halík noemt Jezus ‘de meester van de paradoxen’ (p.33).‘Wat mij ooit had doen besluiten om mij het christendom en de katholieke kerk tot geestelijke woonplaats te maken – namelijk dat het een religie van paradoxen was (…) (p.…

Geduld met God - Tomáš Halík (5)

Afbeelding
naar deel 4
XI. De Heilige Zacheüs ‘(…) de heilige Zacheüs werd de patroon van alle eeuwige zoekers, van ‘allen die uitzien’’. Om zo ‘te waken over hun geduld in het voorportaal van het geloof’. ‘Zelfs áan de overkant’ zijn er velen voor wie Jezus’ woord ook geldt: Je bent niet ver van het Koninkrijk Gods. Wie anders moet dit woord aan hen overbrengen dan wijzelf? Maar hoe doen we het zo dat de boodschap inderdaad een blijde boodschap is, zoals Jezus’ bericht moet zijn, zodat het hen aanspreekt bij hun naam, zodat ze niet worden afgeschrikt door wat er over onze lippen komt? Hoe zorg je ervoor dat het werkelijk begrepen wordt als een broederlijke uitnodiging die hen in hun vrijheid aanspreekt, niet als een opdringerige bekeringspoging, een arrogante inkapseling van mensen die niet bij ons willen horen?Hoe toon je niet alleen tact en ‘pastorale voorzorg’, maar ook liefde die (…) de ander de ander laat zijn, zijn anders-zijn respecteert, die niet probeert alle verschillen weg te werken e…

Geduld met God - Tomáš Halík (4)

Afbeelding
naar deel 3
IX. Tijd om stenen te verzamelen Naar aanleiding van Prediker 3 : 1 – 8 stelt Halík aan het begin van dit hoofdstuk de vraag: ‘Wat voor tijd is het nu, waarin de Zacheüssen van vandaag erop wachten te worden aangesproken? Waartoe is het nu tijd?’ Zijn antwoord is: ‘Het is tijd om stenen te verzamelen, om ze op te ruimen; er is al genoeg met stenen gegooid. Het is tijd om elkaar nabij te zijn.’ De tijd voor het creëren van nabijheid, noemt Halík de ‘tijd om stenen bijeen te zamelen’. De hele wereld is bezaaid met stenen. Die stenen kunnen veranderen in grote keien van vooroordelen en vijandigheid. ‘De brengers van vergeving en redding kunnen vandaag de vele wachtende Zacheüssen niet bereiken als die keien op de weg blijven liggen.’ ‘Waar zijn de vredestichters die Jezus noemt in de acht zaligsprekingen?’
Halík is zich er van bewust dat onze wereld altijd last zal blijven houden van ‘de schaduw van geweld’. In dit verband schrijft hij over terrorisme en de rol van de media daa…

Geduld met God - Tomáš Halík (3)

Afbeelding
naar deel 2
VI. De brief Halík schrijft in dit hoofdstuk dat hij een lange brief ontving van een ‘overtuigd atheïst’. De schrijver proclameert in zijn brief ‘trots zijn atheïsme en in de tekst beloofde hij gehakt te maken van het geloof van de christenen, het bestaan van God te weerleggen en de volslagen onzinnigheid van de Bijbel aan te tonen’.Al lezend komt Halík tot de conclusie: ‘Het was eerlijk gezegd een nogal saaie tekst. Bijna iedere dorpspastoor of eerstejaars seminarist zou antwoord kunnen geven op alle oude, zwaar versleten argumenten van de Verlichtingsfilosofen, positivisten, materialisten en marxisten die ik hier (AG: in de brief) aantrof.’ Halík wilde de brief al weggooien toen zijn aandacht getrokken werd door een vervolg. ‘God, (…), wordt ineens het mikpunt van een ongelofelijke scheldpartij, eindigend met de woorden: ‘Je bent een moordenaar met bloed aan je klauwen. Ik vervloek je!’’ Dit gaat Halík te ver. Waarom deze vervloeking? Dan ontdekt hij al verder lezend in de…

Geduld met God - Tomáš Halík (2)

Afbeelding
naar deel 1
III. Ver van alle horizonnen In dit hoofdstuk voert Halík de jonge karmelitaanse non Thérèse van Lisieux ten tonele. Ze ervoer voor haar dood grote geestelijke strijd en innerlijke duisternis. Ze ervoer Godsverlatenheid. Ze verloor alle zekerheid van het geloof. Ze bevond zich “ver van alle horizonnen”. Dit meisje ontmoette in haar leven waarschijnlijk nooit een atheïst. Ze geloofde ook niet dat er echte atheïsten bestonden, totdat ze besefte dat er echt mensen zijn die geheel zonder geloof leven.
Ze herinterpreteert haar ervaring van Godverlatenheid als een zitten aan één tafel met niet-gelovigen. In deze herinterpretatie “opent ze tegelijk de mogelijkheid hun atheïsme te herinterpreteren: de toestand die zij onverschillig aanvaarden als iets wat nu eenmaal zo is (…), is in werkelijkheid een toestand van duisternis, een gebied “ver van alle horizonnen”.” Volgens Halík ging het Thérèse niet om het terughalen van deze niet-gelovigen in het hart van de kerk, maar eerder om een…