Het vijfde gebod in contextuele taal
Ik schreef in mijn vorige blog dat in de Tien Geboden de dragende relationele orde van de werkelijkheid onder woorden is gebracht en zo is ‘vertaald’ naar een waarneembare of zichtbare orde. ‘Die orde zelf is dieper, breder. Denk daarbij aan de Bergrede of de relationele ethiek van Nagy; twee voorbeelden van een verdieping/verbreding.’
In de Bijbel (Exodus 20 : 12) lezen we het vijfde gebod: "Toon eerbied voor uw vader en uw moeder. Dan zult u lang leven in het land dat de HEER, uw God, u geven zal." Is het mogelijk om aan dit vijfde gebod woorden te geven vanuit het contextuele gedachtegoed (Nagy) als verdieping/verbreding? Een zo ja, op welke wijze? Ik doe een poging.
Existentiële
of verticale loyaliteit
Jouw vader en jouw moeder: Binnen het contextuele gedachtegoed begint de
relatie tussen ouders en kinderen bij een onomkeerbaar existentieel feit: een
mens ontvangt het leven van en via zijn ouders. Nagy spreekt hier van
existentiële of verticale loyaliteit. Er is sprake van een onomkeerbare
verbondenheid tussen ouders en kind. Deze onomkeerbaarheid geldt zelfs als de
relatie opgebroken is, ouders kinderen een slechte opvoeding geven, er sprake
is van conflicten of anderszins.
Loyaliteit
– loyaliteitsconflict
Loyaliteit
is bij Nagy een triadisch begrip. Wanneer iemand kiest voor de ene relatie,
heeft dat gevolgen voor een andere relatie. Zo kan de verticale loyaliteit
botsen met de horizontale loyaliteit aan je partner. Eerbied
voor ouders betekent niet dat de verticale loyaliteit altijd voorrang
moet krijgen. Soms wordt juist recht gedaan aan de diepere relationele orde
door grenzen te stellen. Dat is geen ontkenning van loyaliteit, maar een poging
haar op een (relationeel) rechtvaardige manier vorm te geven.
Eerbied
- gehoorzaamheid
Eren betekent
erkennen dat zij je ouders zijn en dat je via hen het leven hebt ontvangen,
zonder daarmee alles wat zij hebben gedaan goed te keuren. Eerbied is niet hetzelfde als (onbeperkte)
gehoorzaamheid. Eerbied raakt aan de
erkenning van de ander en diens plaats in de relationele werkelijkheid. Contextueel
gezien vraagt eerbied niet om het ontkennen
van onrecht. Integendeel: werkelijke eerbied voor
de relatie vereist dat ook het onrecht dat in die relatie heeft plaatsgevonden,
ernstig wordt genomen. Een schijnbare verzoening die het aangedane onrecht
verzwijgt, herstelt de relatie niet, maar houdt de relationele balans juist
verstoord.
Asymmetrische
relatie
De
ouder-kindrelatie is oorspronkelijk
asymmetrisch. Er is sprake van een verticale relatie. Ouders zijn
verantwoordelijk voor het geven van zorg, bescherming, voeding, erkenning en
leiding. Het jonge kind verkeert vooral in de positie van ontvanger. De ouders
hebben primair de verantwoordelijkheid voor het welzijn van het gezin.
Balans
van geven en ontvangen
In
de relationele ethiek van Nagy speelt de balans van geven en ontvangen een
belangrijke rol. Die balans is geen boekhouding waarin ieder afzonderlijk
gebaar onmiddellijk moet worden terugbetaald. Zij ontvouwt zich door de tijd en
over generaties heen. In een verticale relatie (ouders-kind)
reikt deze balans inderdaad over de grenzen van het leven zelf. De relationele
ethiek wordt daarom ook wel de intergenerationele familiedynamiek genoemd. Daarmee
krijgt ook de belofte van het “lange leven in het
land” een intergenerationele betekenis. Het leven wordt duurzaam waar
generaties niet alleen ontvangen, maar het ontvangen leven op een rechtvaardige
wijze verder dragen.
Constructief
– destructief recht – roulerende rekening
In
een relatie ontstaat constructief recht doordat zorg, aandacht is gegeven aan
de ander en verantwoordelijkheden zijn nagekomen. Zelfs alleen al het nakomen
van de relationele verplichtingen geeft verdienste. Als iemand echter
onvoldoende heeft ontvangen, verwaarloosd is of onrecht heeft ondergaan, kan
daaruit destructief recht ontstaan. Iemand kan dan (on)bewust ervaren: omdat
mij tekort is gedaan, heb ik het recht om mijn tekort op anderen te verhalen.
Het contextuele gedachtegoed spreekt in dit verband over de roulerende
rekening: destructief recht wordt omgezet in destructieve actie naar
onschuldige derden.
Zelfafbakening
Het
contextuele gedachtegoed kent het begrip zelfafbakening of zelfafgrenzing. Dat
betekent dat iemand zijn eigen belangen passend behartigt, terwijl hij ook de
belangen van de ander blijft zien. Zelfafbakening is relationeel: ik blijf met
u verbonden, maar ik neem niet over wat tot uw verantwoordelijkheid behoort. Ouders eren kan dus samengaan met: het beperken
van contact; het weigeren van een onredelijk beroep; het benoemen van aangedaan
onrecht; het beschermen van het eigen gezin; het niet langer vervullen van een
geparentificeerde rol.
Zelfvalidatie
Volgens
Nagy ontstaat zelfvalidatie als iemand in een relatie passend kan geven en
daarin wordt erkend. Werkelijke eerbied moet
daarom wederkerigheid mogelijk maken. Niet in de zin dat ouders en kinderen gelijke posities hebben, maar
wel dat ook de inzet, trouw en offers van het kind gezien mogen worden. Het vijfde
gebod wordt relationeel onzuiver wanneer alleen van het kind eerbied wordt
gevraagd, terwijl de verantwoordelijkheid van ouders buiten beeld blijft.
Meerzijdige
partijdigheid
Een
ander belangrijk contextueel begrip is meerzijdige partijdigheid. Dat
betekent dat wij niet uitsluitend vanuit het perspectief van het kind of
uitsluitend vanuit dat van de ouders kijken. Deze houding voorkomt een
eenvoudig oordeel van “goede ouders” tegenover “ondankbare kinderen”, maar ook
het omgekeerde. Iedereen wordt aangesproken op zijn eigen aandeel, positie,
mogelijkheden en beperkingen.
Exoneratie
Wanneer
iemand de geschiedenis van zijn ouders leert begrijpen, kan exoneratie
ontstaan. Exoneratie betekent dat de ouders niet
uitsluitend meer als daders worden gezien, maar ook als mensen die zelf
gevormd, beperkt of beschadigd zijn door hun geschiedenis. Exoneratie staat
voor: “Ik begrijp beter hoe zij geworden zijn wie zij waren, terwijl ik het
onrecht dat mij is aangedaan niet ontken.” Door die dubbele erkenning kan de
destructieve aanspraak op ouders soms
afnemen. Niet omdat de schuld wordt uitgewist, maar omdat het volwassen kind
niet langer volledig door de schuldrekening wordt beheerst. Ook dit kan een
vorm van eerbied zijn: de ouders in hun volledige menselijkheid zien — als
verantwoordelijke personen én als kinderen van hun eigen geschiedenis.
De
vier dimensie
Het
gebod kan door de vier dimensies van Nagy heen worden gelezen.
- De dimensie van de feiten: deze mensen zijn mijn vader en moeder. Via hen heb ik het leven ontvangen. Er is een concrete familiegeschiedenis.
- De psychologische dimensie: Welke gevoelens zijn er: liefde, angst, woede, schaamte, gemis, afhankelijkheid of verlangen naar erkenning?
- De transactionele of systemische dimensie: Welke patronen, rollen, coalities, verwachtingen en parentificaties zijn in het gezin ontstaan?
- De dimensie van de relationele ethiek: Wie heeft aan wie gegeven? Wie heeft recht op zorg of erkenning? Waar is onrecht ontstaan? Wie draagt waarvoor verantwoordelijkheid? Hoe kan de balans rechtvaardiger worden?
Exodus 20:12 krijgt vooral in die vierde dimensie zijn diepte. Het gebod betreft niet slechts gevoelens of gedrag, maar een relationeel-ethische werkelijkheid: de mens staat in een ontvangen en door te geven levensverband.
Samenvattend
Vanuit
het contextuele gedachtegoed zou ik het vijfde gebod zo willen samenvatten:
Uw
vader en moeder eren betekent dat u uw onverbrekelijke verticale verbondenheid
met hen erkent, het ontvangen leven en het ontvangen goede serieus neemt, het
geleden onrecht niet ontkent, passende verantwoordelijkheid onderscheidt, en
zoekt naar een vorm van loyaliteit die zowel uw ouders, uzelf als de volgende
generatie recht doet.
Reacties
Een reactie posten