Ontwikkeling in denken van Nagy
Er is in grote lijnen een (historische) ontwikkeling te zien is in het denk van Ivan Boszormenyi-Nagy (=Nagy). Nagy werd geboren in 1920 in Boedapest - Hongarije. Toen hij ging studeren volgde hij een medicijnenstudie (tot arts) met als specialisatie psychiatrie.
De focus lag bij Nagy bij de start van zijn professionele carrière als psychiater vooral bij het individu. Hierin zie ik de tweede dimensie van de relationele werkelijkheid terugkomen.
In 1948 verliet Nagy Hongarije en ging naar Oostenrijk en werkte daar in een ziekenhuis. Vervolgens verruilde hij twee jaar later Oostenrijk voor de Verenigde Staten en vestigde zich daar definitief. In zijn Hongaarse periode werd Nagy al beïnvloed door Kalman Gyarfas. En in de Verenigde Staten werkte hij 6 jaar (tussen 1950 - 1957) onder leiding van diezelfde Gyarfas. Gyarfas dacht ‘in termen van relaties’. Niet alleen het individu, maar relaties waarin individuen actief zijn kregen zijn aandacht.
In de periode 1957 – 1980 was Nagy verbonden aan/directeur van de afdeling Gezinstherapie van het Eastern Pennsylvania Psychiatric Institute (=EPPI) in Philadelphia. In dit tijd was het een onderzoekseenheid die zich richtte op de biologische oorzaken van schizofrenie. Al snel merkte Nagy dat de familie van de patiënt een belangrijke rol speelde in het ziekteproces en de genezing van schizofrene patiënten. Nagy ontdekte dat psychische problemen bij deze patiënten vaak het gevolg was van generaties lange patronen van onrechtvaardigheid en onuitgesproken loyaliteiten. Onder zijn leiding groeide de afdeling uit tot het grootste klinische en opleidingscentrum voor gezinstherapie in de Verenigde Staten.
Bij Nagy lag de focus niet meer alleen bij het individu, maar ook bij relaties en gezinnen. Je zou kunnen zeggen: naast de tweede dimensie kwam ook de derde dimensie in beeld.
In
1974 werd Nagy hoogleraar aan het Hahnemann Medical College in Philadelphia en
doceerde daar het vak Gezinstherapie. En vijf jaar later stichtte hij het
Institute for Contextual Growth, een polikliniek en opleidingsinstituut voor de
contextuele therapie. In 1973 kwam zijn meesterwerk Invisible Loyalties
uit, waarin hij de kernbegrippen van de contextuele therapie introduceerde. In
1999 ging Nagy met pensioen.
Naast de tweede en de derde dimensie werd zo als het ware de vierde dimensie geboren. De dimensie van de relationele ethiek. Relaties zijn bij Nagy niet alleen psychologisch of systemisch, maar ethisch gestructureerd. Waar systeemtheorie vaak descriptief bleef (derde dimensie), bracht Nagy een normatieve laag aan middels de vierde dimensie. Loyaliteit is goed. Destructief recht kan leiden tot ontbinding van relaties. Hij vond dat puur systemisch denken relationele rechtvaardigheid onvoldoende kon verklaren.
Nagy
kon hij niet blijven hangen in louter normativiteit (vierde dimensie). Hij moest
zich wel afvragen: Is relationele ethiek geworteld in de aard van de
werkelijkheid? Dat is een ontologische vraag. Het nadenken over de vierde
dimensie bracht hem bij de vraag: Waar is die relationele ethiek op gebaseerd?
Niet op een sociaal contract, niet cultureel bepaald, niet gebaseerd op moraal.
Maar waarop dan wel? In 2000 voegde Nagy de ontische dimensie toe. “Mensen
kunnen niet anders dan bestaan in relatie met anderen.” Relationele ethiek is
gebaseerd op een structuur van het bestaan zelf. De ontische dimensie als het fundament onder de relationele ethiek.
Reacties
Een reactie posten